Stand van zaken? Maar stand van zaken van wat? 

In deze film (zie eind van dit artikel) wil ik muziek en beelden met je delen wat ik zoal heb gedaan. Een tipje van de sluier oplichten voor vrienden en bekenden. Het is openbaar. Dus anderen mogen het ook bekijken. Mijn verhaal is een verhaal als zovelen.

Het begint met nostalgische opnames. Opnames die me terugbrengen naar vele anecdotes uit een ver verleden. Bijvoorbeeld, mijn kamer in een oud hotel (Trianon) tegenover het Kurhaus, waar ik uit mijn bed gelicht werd om te gaan repeteren met het Residentie Orkest (RO). Een uitzicht op zee waar nu miljoenen voor betaald moet worden. Het Kurhaus, waar ik mijn eerste noten op de belltree speelde in de 4e symfonie van Mahler en mijn eerste optredens met een professioneel orkest. 

Ik denk ook terug aan de optredens in het Congresgebouw tijdens het Grand Gala Classique. Maar vooral de vele concerten met het RO. Met namen als Willem van Otterloo, een dirigent die mij als gup geknipt en geschoren heeft. Uiteraard is er ook een anecdote over mijn wraak (practical joke). Fred zou Fred niet zijn. In de film wordt je uitgenodigd om het allemaal te horen, mijn ervaringen. Trek er maar 6 uur voor uit als je een persoonlijk toelichting wil. 

Maar het leven had nog meer voor mij in petto. Ik ben niet opgegroeid in een gezin waar het normaal was om mij naar een hoger muzikaal niveau te brengen. De piano bleek een onbereikbare droom. Ik was veroordeeld tot de accordeon (je hoort een musette, gecomponeerd door mijzelf). Het leven had hele andere plannen met mij. Het ging niet om de muziek maar een leven om andere levenservaringen op te doen.

Mijn muzikale carrière als instrumentalist blijft daarom uitzonderlijk. Concerten spelen met niet of nauwelijks muzikaal-technische ondergrond, geen vooropleiding, geen muziekschool of privédocent op het gebied van slagwerk. Maar ik studeerde op het Koninklijk Conservatorium alsof mijn leven er vanaf hing. Ik speelde op mentaliteit, op doorzettingsvermogen. Ik wist wat ik moest doen vanwege mijn muzikaal voorstellingsvermogen, want dat had ik. Daarom werd ik toegelaten tot het KC. Vanwege mijn gehoor. Ik mocht blijven.

Je ziet een korte shot van mijn bezoek aan het Kurhaus, even pingelen. Want meer kan ik eigenlijk niet. De fragmenten op de drums, xylofoon en marimba zijn eigenlijk niet anders. Ik wilde het graag. Maar een stabiele basis was er niet. Van jongs af aan begeleid worden, motorisch mee ontwikkelen met je instrument. Dat is niet gebeurd. 

De bekkenslagen in Liszt's piano concert kwamen op tijd omdat ik de muziek begreep. Als ik rationeel ging nadenken over wat ik aan het doen was, kreeg ik het Spaans benauwd. 

Het marimba-concert van Paul Creston met orkest was een tour de force van heb ik jou daar. Ook hier speelde ik een werk dat eigenlijk ver boven mijn macht lag. Zoals mijn allereerste, ja allereerste werk dat ik op marimba moest uitvoeren uit Domaines van Piere Boulez, een deel voor marimba en bas, dat ik op de lessenaar kreeg. Niemand wilde of kon het doen. Ja, ik begreep de noten, maar moest het wel effe doen. Het is ongeveer als eerste werk wat je leert: altijd is kortjakje ziek, tweede werk, pianoconcert van Rachmaninoff. 

Mijn leven hing er inderdaad vanaf. De levenslessen die ik kreeg om muzikaal het onmogelijke te bereiken. Ik bereikte het onmogelijke. Spelen met grote musici, prachtige ensembles en orkesten. Met niet of nauwelijks ervaring. Het was alsof ik mijn opleiding al in een ander leven had gehad. Maar ja. Wie gelooft dat? 

Je mag luisteren naar de opnames in het filmpje. Je vindt  het mooi of niet mooi, het mag allemaal. Ik vind het prachtig. Vooral nu, omdat ik het nu niet meer kan. Ik ben een schim van mezelf op dat punt, omdat mijn lichaam mij in de steek heeft gelaten. Helemaal niet erg, het is vooral genieten van "das war einmal". Ik mag graag andere mensen "vervelen" met mijn verhalen. Weet je nog wel van toen? Ik geniet vooral van de mensen die het allemaal vele malen beter kunnen dan ik. 

Donkere wolken

Mijn eerste huwelijk gaf mij ervaringen die ik - tot op de dag van vandaag - als pijnlijk ervaar: het verlies van mijn eerste twee kinderen. Alleen maar omdat ik het met haar niet meer kon vinden. Straf. Uiteindelijk zijn deze ervaringen ook verrrijkend gebleken. Mijn tweede huwelijk zou nooit zo mooi geweest zijn als ik het eerste niet had gehad. Ik hertrouwde en kreeg weer twee zonen. Een herkansing zouden ze zeggen. Dat was het. Het verlies blijft natuurlijk. Aan het eind van de film treden mijn eerste 2 zonen even op in een korte shot uit 1992. Voor mij als de dag van gisteren, zonder spijt. 

Er gebeurde uit nog veel meer in mijn leven. Ik had blijkbaar een vol programma van leerzame ervaringen voor mezelf opgesteld toen ik naar deze aarde kwam. Symfonisch gebed zegt daar iets over. Een werk dat ik onlangs terug vond en dateert uit 2002. Een tussenstand van zaken. 

Symfonisch gebed is een samenvatting van heel wat jaren van mijn leven. Daar kan ik bladzijdes over vullen. Maar gewoon luisteren naar de muziek, het fragment, zegt al genoeg denk ik. Het laat ook vooral de omslag horen hoe ik mijn persoonlijk leed, naar het leed van de geschiedenis transformeer: "De eeuw van mijn vader". Een titel van een boek van Geert Mak, maar het is zeker ook mijn missie geworden. Hoe de geschiedenis van een aantal familieleden (Jappen-, Nazikampen enzo) mij stapsgewijs leerde, waar ik vandaan kwam. En hoe ik daar misschien in mijn leven iets aan kon doen. MIjn werk was zeker geen familiedingetje. Back to Normandy (muziek en schrijverij) werd juist een breuk met mijn familie, hoe gek dat ook mag klinken.

De oorlog

Het begon met een indringend leerproces (beginnend bij de scene, "ik heb het eigenlijk nooit begrepen"). Met het schrijven van muziek over WWII. Deze muziek werd voor Talpa in 2006 aanleiding om een contract aan te bieden. Ze vonden het mooi. Maar na een aantal jaren hadden we  geen gezamenlijke missie meer. Het laat zich makkelijk raden, waarom niet. We hadden zeker mooie momenten samen. Kijk naar de opnames in de Wisseloord Studio waar topmusici, scores konden opnemen van Maarten Spruijt en mij. Ik teken vooral voor de ballads waar je een stukje van de making of hoort. Het leverde geen geld op, maar wel onvergetelijke muziek. In ieder geval voor mij.

Mijn werk verschuift. Ik heb geen talent voor zeepsopmuziek. Als ik muziek schrijf, moet het ergens over gaan. Een voorbeeld daarvan is de docu over Cockayne. Een film van een middelbare scholier die iets wil vormgeven over mensen, met een ziekte die op haar pad is gekomen. Een aangrijpend verhaal, hier om de hoek. Een nachtelijke VPRO-uitzending en een rare recensie op IMDB brengt me op het pad van de film Night and Fog. De eerste film over de Holocaust. Ik wilde, hoe dan ook, mijn muzikale visie onder deze film schrijven. 

Ik maak het nog een graadje erger in deze film, want ik wil mijn missie duidelijk maken met beelden die ontegenzeggenlijk het verhaal vertellen van de waanzin van oorlog. Zoals dit fragment en dito muziek: het opgraven van lijken van gevallen soldaten uit WWII. Je ziet het ontgassen en prepareren van de lijken voor repatriering en herbegraving. Misschien grimmig en schokkend. Maar voor mij, doen deze mensen dit werk met ongelooflijk veel toewijding, respect en liefde. Er zijn zoveel mensen in beroepen die je nooit ziet of hoort. Maar juist zij verdienen respect.

De aanloop naar de Emmy Award, nominatie Buma Award met Omaha Beach, Honor and Sacrifice zijn organische processen geweest. Je bent ergens mee bezig en dan volgt er vanzelf een volgende stap. Deze onderscheidingen zijn nooit een doel geweest. Het is leuk geweest omdat andere mensen het mooi vonden. Zelf vind ik het vreemd, vooral als ik de menselijke processen om dit gedoe observeer. But that's is another story. Maar een diepere dialoog van wat er nu eigenlijk is gebeurd, waar de muziek over gaat, heb ik nooit gehad. Je hoort een van mijn voorstudies (pitchen heet dat met een professionele term) om in aanmerking te komen voor het schrijven van de muziek.

De film "The Last Pilgrimage" maakte ik ook in 2014. Met beelden die ik heb geschoten op Whitehall, Londen. Unieke beelden van de Normandy Veterans voor het laatst publiekelijk optreden. Ik was de enige die in hun nabijheid mocht filmen. De muziek die ik er nu onder gezet heb, is al veel ouder. "Peace" uit 2003. Een werk waarvan ik hoop dat het gedraaid wordt op mijn afscheid van het aardse bestaan. Maar nu nog effe niet. 

Ik besluit met mijn ballad "Is Dood". De dood is voor mij niet het einde, maar het begin van iets. Iets nieuws. De aftitelingsmuziek heeft "Verstild". Met een shot waarbij ik een volle zaal in Duitsland toespreek over Back to Normandy voor orkest. Over de oorlog. Sommige mensen met tranen in hun ogen.